Je kent haar waarschijnlijk van Zomergasten (2014) of van haar columns in de Volkskrant en Kek Mama. Maar wetenschapsjournalist en wiskundige Ionica Smeets (35) was heel lang vooral student. Een ijverige. Maar ook een wilde. Ionica over haar studententijd.

Foto door Walter-Kallenbach

Foto door Walter-Kallenbach

Wild studentenhuis
‘Toen ik begon met studeren was ik ontzettend braaf. Per ongeluk belandde ik via via in een extreem wild studentenhuis. We woonden er met z’n zevenen. In dat huis was altijd wel een spontaan feestje aan de gang. In een tentamenperiode zat ik enorm te bikkelen op mijn kamer. Als ik om drie uur ’s nachts klaar was en behoefte had aan wat gezelligheid, hoefde ik daarvoor maar twee kamers verder te lopen.’

Van nerd naar ‘hippere’
‘Op de middelbare school was ik altijd de nerd. Ik was de slimste van de klas en ging weinig uit. Toen ik ging studeren, zaten alle nerds ineens bij elkaar. Ik hoorde zelfs bij de hippere types van mijn jaar. In korte tijd leerde ik veel mensen kennen, ging meer uit en kreeg vriendjes. Die zocht ik vaak buiten mijn studie. In Delft zaten bijna alleen maar mannen. Ik wilde niet dat iemand mij zag zitten omdat ik toevallig het enige meisje was. Aan de andere kant vond ik het interessant om iemand uit een andere wereld te daten. Iemand van de kunstacademie bijvoorbeeld. Grappig eigenlijk, pal na mijn afstuderen viel ik toch voor een Delftse student. We hebben inmiddels twee kinderen, een zoontje van vier en een dochtertje van zeven maanden.’

Cum laude
‘In mijn eerste jaar haalde ik in mijn eentje meer studiepunten dan mijn zes huisgenoten bij elkaar. In dat studentenhuis heb ik geleerd te werken onder verstorende omstandigheden. Ik bedacht hoe ik met zo min mogelijk werk een negen kon halen. Dat lukte; ik stond weliswaar een acht gemiddeld, maar studeerde cum laude af. Mijn methode was om in een bulk heel hard te werken. Het scheelde dat ik een vriendin had die dezelfde studie deed. We studeerden samen van ’s morgens tien tot ’s avonds laat. Groepsdruk werkte voor mij ook goed. Op donderdag gingen we met studiegenoten uit, als we ’s nachts naar huis fietsten, zeiden we tegen elkaar: ‘Je komt wel naar college morgenochtend, he?’ Het eerste dat ik dacht als ik wakker werd, was: no way. Toch ging ik, afspraak is afspraak.’

Suikervriendin
‘Mijn studiegenoten kwamen allemaal bij mij lenen aan het eind van de maand. Ik had drie bijbaantjes. Zo werkte ik een dag per week op de publiciteitsafdeling van een theater en zat ik achter de balie bij de bieb. Aan het eind van mijn studie schreef ik voor de universiteitskrant. Daarnaast kreeg ik nog geld van mijn ouders en studiefinanciering.’

Alfahobby’s
‘Het kiezen van een studie vond ik verschrikkelijk moeilijk. Er zijn veel verschillende dingen die ik leuk vind. Ik heb nog getwijfeld om kleinkunst of literatuurwetenschappen te gaan studeren. Uiteindelijk werd het een bètastudie, omdat ik me bedacht dat je daarnaast makkelijk alfahobby’s kunt hebben. Andersom is dat lastiger: wiskundecursussen zijn er niet. Naast mijn studie wiskunde deed ik een avondcursus kleinkunst. Erg leuk. Die podiumervaring komt nu mooi van pas bij de lezingen die ik geef. Ik raad iedere student aan buiten je studie verschillende dingen te doen. Zo ontdek je wat je echt leuk vindt.’

Interview: Jasmine Groenendijk

Facebooktwitterpinterestlinkedinmail